De eerste stapjes in het paleodieet

Week 1 : Het is rotzooien met wat je wel en niet kan eten. Het palet lijkt zeer beperkt en je voelt je veroordeeld tot peen en komkommer. Dat dit niet zo is wordt duidelijker naarmate de tijd vordert.

Week 2 : Dit lijkt een herhaling van week 1 maar dan aangevuld met buien van knorrigheid en een visie die voornamelijk niet verder reikt dan de gedachte aan voedsel. Vermenigvuldig dit met het karige inzicht dat dit dus is wat het is, dat er alleen waterige rauwkostrommel bestaat en dat je dus nooit meer een zetmeel of een glucose kan eten, stemt droevig.

Week 3 : Dit is grappig. Samen in de supermarkt staan en je afvragen wat je aan het doen bent… 😀
In deze week hebben we beiden veel last van geheugenverlies, afwezigheid en vergeetachtigheid. Ook begon in deze week mijn bloeddruk te zakken naar een dusdanig laag niveau dat ik wel heel vaak duizelig werd bij het opstaan. Dat is een goed teken toch?

Week 4 : Alles begint een beetje op zijn plaats te vallen, het is duidelijk wat wel en niet kan, er komt berusting en er komt ruimte in het hoofd.

Eigenlijk hebben we geen enkel moment last gehad van honger, wel van hunkeringen naar eten dat absoluut niet paleo is. (zij : brood, choco, snoep, drop, suikertroep – ik : kaas, piepers, kroketten, zoute gefrituurde koolhydraten)
Spek en nootjes zijn een pleister op de dan nog gapende paleowond.

Dit bericht is geplaatst in Dieet. Bookmark de permalink.